Leerlijn


Verantwoording leerlijn:

Terugkoppeling eigen visie

Mijn visie is om iedere leerling via een veilige (sociaal en fysiek), gestructureerde en autonomie ondersteunende sportles te laten groeien in persoonsvorming.

Het ontwikkelen van de leerlijn heb ik hierop gebaseerd. Wat je mag verwachten in mijn leerlijn is dan ook dat de sportlessen worden verzorgd vanuit het vak concept ‘’het vormingstheoretische lichamelijke opvoedingsconcept’’. Tevens is de algemene uitgangspunt en doelstelling in de leerlijn gericht op het sociaal emotioneel leren (SEL).

Middels het SEL wil ik leerlingen op de ISK begeleiden op persoonsvorming. Door de taalbarrière kunnen leerlingen niet aangeven wat hun geïrriteerd maakt. Dit resulteert op stemverheffing en verbale agressie. Ook wil ik leerlingen begeleiden in hun emotieregulatie. Hierin staat centraal dat de leerling zijn emotie kan benoemen. De vervolg stap hierin is dat de leerling woorden kan geven aan zijn frustratie. Komt dit bijvoorbeeld doordat een klasgenoot valsspeelt of heeft het een andere reden? Middels het SEL wil ik ook leerlingen op de ISK competenties aanleren, waardoor ze beter in staat zijn om samen te werken in teamsporten. Op de ISK zitten veel jongens die zich willen profileren door te winnen. Voor hen draait het om aanzien binnen de groep. Status speelt hier een grotere rol dan op het regulier onderwijs. Aanzien is dus echt het motief voor deze doelgroep door de verschillende culturen en het gebrek aan andere manieren om jezelf te kunnen bewijzen binnen het onderwijs. Dit resulteert op minder samenwerking tussen de leerlingen. Ze spelen de bal tijdens een oefening of partij niet over naar elkaar. Leerlingen willen zelf de actie aangaan, ook al staat er iemand anders er beter voor om een aanval op te zetten of tot scoren te komen. Ik wil dat leerlingen plezier ervaren in bewegen en niet alleen sporten om aanzien te krijgen of te winnen. Zo geloof ik dat wanneer je didactische werkvormen aanbiedt waarin iedere leerling succeservaringen kan opdoen, de drang op prestatie en winnen omlaaggaat. Ik vind een voorwaarde voor een veilige, positieve en plezierige sfeer in de les dan ook autonomie. Ieder kind heeft recht op autonomie. Motivatie pak ik dan ook aan door gebruik te maken van de zelfdeterminatietheorie. Dit is een theorie van Deci & Ryan waarbij er gekeken wordt naar relatie, autonomie en competentie. Ieder leerling heeft recht om zich component te voelen middels succeservaring, verbondenheid en keuzemogelijkheden binnen hun zelfregulerend vermogen. Binnen autonomie versta ik ook de term ‘vrijheid in gebondenheid’. Met andere woorden keuzemogelijkheden binnen bepaalde kaders. Ik vind het belangrijk dat de leerlingen vrijheid krijgen om dingen zelf te bepalen en te beslissen of te doen, maar wel binnen de kaders die ik stel. Ik ben dan ook van mening dat wanneer ik als docent betrokken ben en autonomie-ondersteunend gedrag vertoon, dat ik leerlingen hierin kan begeleiden. Dus meer inlevingsvermogen richting de leerlingen, wat resulteert op een goede docent-leerling relatie!


Talentkrachtig gestuurd

De leerlijn is bedoeld voor halverwege het studiejaar. Zowel ik als de leerlingen hebben dan beter inzicht in elkaar. We zijn meer aan elkaar gehecht dan wanneer je de leerlijn aan het begin van het studiejaar zou geven. Daardoor heb ik al enig idee wat eenieder zijn kwaliteiten zijn. Dit biedt mij de kans op te kunnen differentiëren in de taak voor ieder individu. Door sociaal-emotioneel leren (SEL) en de Zelfdeterminatietheorie te combineren ondersteun ik de basisbehoeften autonomie, competentie en verbondenheid. Hierdoor krijgen leerlingen keuzevrijheid binnen duidelijke kaders, ervaren zij succes op hun eigen niveau en voelen zij zich gezien en gesteund. Binnen de ISK context, waar status en taalbarrières een grote rol spelen, bied ik ruimte voor talentontwikkeling in zowel motorische vaardigheden als samenwerking en emotieregulatie. Zo maak ik talenten zichtbaar die anders onopgemerkt zouden blijven en begeleid ik elke leerling in zijn persoonsvorming, motivatie en sociale ontwikkeling.


Leerdoelen

De thema van de leerlijn ‘samenwerken’ zal dan ook een teamsport zijn, er moet zich ten slotte situaties voordoen waarin iedere leerling moet kunnen overspelen en luisteren naar een ander. Hierom heb ik gekozen voor de sport basketbal. Naast mijn eigen leerdoelen vind je in de leerlijn ook verscheidene doelstellingen voor de leerlingen terug m.b.t. taalontwikkeling, sociaal emotioneel leren, motoriek, en het cognitief vermogen.

  • Taalontwikkeling;

Einde van de leerlijn is de leerling bekwaam in de verschillende Nederlandse basketbal termen (dribbelen, second dribbel, overtreding, uitbal, overspelen, verdediger en aanvaller). Ook begrijpt de leerling teamsporttermen en kan deze toepassen in de praktijk ‘’Ik sta vrij’’, ‘’pas’’ en ‘’geduld’’ en ‘’vrijlopen’’ en ‘’overzicht’’.

  • Sociaal emotioneel leerdoel;

Einde van de leerlijn herkent de leerling zijn eigen emotie en kan deze benoemen (boos, blij, geïrriteerd). De leerling kan zijn emotie reguleren en woorden geven aan zijn frustratie. Daarnaast kan de leerling de bal bewust overspelen. Dit op de momenten wanneer een ander in een betere positie staat om een aanval op te zetten of tot scoren te komen.

  • Motorische leerdoel;

Einde van de leerlijn heeft de leerling zichzelf ontwikkeld in de rol als aanvaller aan de bal en medeaanvaller. Hierbij is de leerling in staat om een overtal uit te spelen om tot scoren te komen. De leerling is in staat is om de bal te gooien en ermee te dribbelen op de juiste basistechniek, zonder second dribbel en lichamelijk contact.

  • Cognitieve leerdoel;

Einde van de leerlijn weet de leerling na te denken over hun eigen gedrag. Hoe doen we het? Dit in de vorm van klassikaal reflecteren op de spelregelkennis (second dribbel, uitbal en geen lichamelijk contact). Verder herkent de leerling situaties waarin overspelen een norm is.

Nu is het zo dat de ISK twee leerjaren heeft. De leerlijn zal daarom ook twee jaar bevatten. In beide studiejaren krijgen de leerlingen een lessenreeks basketbal van drie lessen. Momenteel wil ik mijzelf ontwikkelen in mijn pedagogisch en didactisch handelen.

  • Pedagogisch leerdoel;

In semester 5 van de ALO verzorg ik sportlessen op de ISK te Groningen. De ISK is een school voor voortgezet onderwijs en bestemd voor nieuwkomers in Nederland in de leeftijd van 12 tot 18 jaar die de Nederlandse taal niet of nauwelijks beheersen. Ik wil mijn professioneel handelen versterken door in lastige klassensituaties (zoals niet reagerende of grensoverschrijdende leerlingen) helder, feitelijk en empathisch te communiceren volgens de stappen van geweldloos communiceren, waarbij ik tijdig grenzen stel, zonder strijd of irritatie. Nu is het zo dat de leerlingen de Nederlandse taal niet goed beheersen (waardoor ze soms de regels niet begrijpen), kunnen weinig motivatie tonen en/of doen wat ze maar willen. Het accepteren van dit ongewenst gedrag gaat ten koste van hoe ik mij voel en mijn geduld op dat moment. Dit kan dan weer leiden dat ik in een emotie raak. Ik wil mijn POP haalbaar maken door pedagogisch juist te handelen en kalm te blijven reageren, nadat er een situatie van ongewenst gedrag heeft voorgedaan. Ook wil ik hierop blijven reflecteren.

  • Vakdidactisch leerdoel;

In semester 5 van de ALO verzorg ik sportlessen op de ISK te Groningen. De ISK is een school voor voortgezet onderwijs en bestemd voor nieuwkomers in Nederland in de leeftijd van 12 tot 18 jaar die de Nederlandse taal niet of nauwelijks beheersen. Nu is het zo dat ik mijzelf dit semester wil verbeteren in het aanbieden van impliciete leerhulp. Dit moet terugkomen in mijn manier van instructie/feedback geven en de didactische werkvormen die ik aanbied. Met betrekking tot het gebrek aan de Nederlandse taal en de verbale communicatie van de leerlingen is het erg lastig voor hun om de impliciete leerhulp te begrijpen.


Leerlijn:

Leerlijn Samenwerken

ISK

Klas 1

Klas 2

Algemene doel en uitgangspunt

Motorisch:

· Leerlingen leren de juiste basistechniek van het gooien en naar elkaar en dribbelen.

SEL:

· Leerlingen leren dat sport emotie is. Ze leren basisemoties herkennen (boos, geïrriteerd, moe, etc.).

· Herkennen van overspelen

Taalontwikkeling:

· Leerlingen leren basisbasketbalwoorden begrijpen en gebruiken.

Cognitief:

· Eerste cognitieve kennis over regels: second dribbel, uitbal en geen lichamelijk contact.

Autonomie:

· Druk op aanzien verminderen door succeservaringen en keuze uit fanatiek/recreatief sporten. Leerlingen mogen zelf teams samenstellen.

Motorisch:

· Uitspelen overtal om tot scoren te komen. Aanvaller aan de bal en medeaanvaller

SEL:

· Kunnen emoties reguleren en woorden geven aan frustratie.

· Leerlingen leren om de bal bewust over te spelen wanneer iemand beter staat.

Taalontwikkeling:

· Leerlingen leren teamsporttermen begrijpen en gebruiken ‘’Ik sta vrij’’, ‘’pas’’ en ‘’geduld’’ en ‘’vrijlopen’’ en ‘’overzicht’’.

Cognitief:

· Leerlingen kunnen nadenken/reflecteren op hun eigen gedrag. Hoe doen we het? (second dribbel, uitbal en geen lichamelijk contact).

Autonomie:

· Leerling die fanatiek sporten: kiest eigen tactische opdracht: snel overspelen of ruimte zoeken (in vrije positie komen).

Spelthema’s

Samen bewegen en overspelen ontdekken (elkaar zien in het spel).

Samen beslissen en overspelen als teamkeuze

Tijdsbestek

Lessenreeks 3 lessen

Lessenreeks 3 lessen

Activiteiten

Motorisch:

· Behandelen: stuitpass en chestpass.

· Behandelen: dribbelen met één hand, zonder second dribbel en fysiek contact.

SEL:

· Emotiekaart klassikaal voor- en na de oefenvorm “Hoe voel je je nu?” en ‘’waarom word je boos? Door valsspelen?’’

Taalontwikkeling:

· Gebruik maken van woordkaarten: dribbelen, uitbal, ovenspelen, verdediger en aanvaller.

Cognitief:

· Klassikaal spelregels uitleggen en terugblikken (second dribbel, geen lichamelijk contact en uitbal).

Autonomie

· Succeservaring en keuzevrijheid (vrijheid in gebondenheid) in fanatiek/ recreatief sporten.

Motorisch:

· Spelsituaties trainen: 2v1 en 3v2.

· Werken met dwangstellingen

SEL:

· Gesprek vakleerkracht/ leerling na conflict. Wat voelde je? Wat had je kunnen zeggen?

Taalontwikkeling:

· Korte dialoogopdracht: wat zeg je als je vrij staat of ruimte ziet? “Ik ben vrij / kijk rechts.”.

Cognitief

· Klassikale reflectiemoment omtrent spelregelkennis.

Autonomie

· Teams kiezen eigen tactische opdracht: snel overspelen of ruimte zoeken (in vrije positie komen).

Evaluatie/meting

Observaties:

· Gooit en dribbelt de leerling middels de basistechniek?

· Begrijpt en gebruikt de leerling de basisbasketbalwoorden?

· Worden de spelregels correct toegepast?

· Word er Nederlands gepraat in de les?

Reflectie individueel:

· Leerling kan zijn emotie benoemen “Ik was boos’’.

Interview/kort gesprek:

· Leerling kan benoemen in welke situatie hij de bal overspeelde naar een teamgenoot “Wanneer speelde jij over?”.

Observaties:

· Wordt er overspeeld wanneer een ander beter staat?

· Kan de leerling benoemen dat hij zelf vrij staat of ruimte ziet?

· Kan de leerlingen eigen leerproces op de spelregels begrijpen?

· Word er Nederlands gepraat in de les?

Reflectie individueel:

· Leerling benoemt emotie en reden daarvan “Ik was geïrriteerd, leerling A speelt niet eerlijk’’.

Interview/kort gesprek:

· Leerling benoemd inzicht in samenwerken “Waarom speelde jij over?”.